1.

Prognoses vergeleken

Vergeleken met de vorige prognose ligt de groei van de Brabantse bevolking hoger. Dit hangt vooral samen met de naar boven toe bijgestelde levensverwachting. Ook liggen de buitenlandse migratiesaldi naar verwachting iets hoger. Vanaf 2040 neemt het inwonertal iets af. De groei van de woningvoorraad ligt eveneens hoger. Hier speelt – onder invloed van de vergrijzing en de individualisering – vooral de sterke huishoudensgroei een rol.

Hogere bevolkingsgroei, vergeleken met de vorige prognose

Volgens de nieuwe provinciale prognose neemt het inwonertal van Noord-Brabant toe van bijna 2.480.000 in 2014 tot een maximum van zo’n 2.595.000 mensen aan het einde van de jaren ’30. Dit betekent dat de Brabantse bevolking de komende 25 jaar naar verwachting nog met ongeveer 115.000 personen zal groeien. Vergeleken met de vorige provinciale prognose uit 20111 ligt de bevolkingsgroei wel wat hoger, wordt dus ook een hoger ‘bevolkingsmaximum’ bereikt en ligt het omslagpunt van groei naar krimp wat later in de tijd (figuur 1.1). Een (opnieuw) naar boven toe bijgestelde levensverwachting en hogere buitenlandse migratiesaldi vormen hiervoor de belangrijkste verklaringen.

Figuur 1.1

Bevolkingsomvang
Noord-Brabant, 1980-2050

  • 1. <em>De bevolkings- en woningbehoefteprognose Noord-Brabant - actualisering 2011.<em> Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, januari 2012.

 

Ook hogere groei woningvoorraad

De woningvoorraad bereikt eveneens een hoger maximum vergeleken met de vorige prognose (figuur 1.2). Hier speelt – onder invloed van de vergrijzing en de individualisering – vooral de sterke huishoudensgroei een rol. Verwacht wordt dat er in Brabant rond 2050 zo’n 1.220.000 woningen staan, 160.000 meer dan aan het begin van 2014. In tegenstelling tot de vorige prognose blijft de Brabantse woningvoorraad tot aan het einde van de prognoseperiode groeien, al neemt de groei in de loop van de (prognose)jaren wel sterk af. Al met al wacht Brabant de komende tijd nog een behoorlijke woningbouwopgave. Alleen al de eerstkomende tien jaar zal de woningvoorraad nog met meer dan 100.000 woningen moeten toenemen, oftewel ruim 10.000 woningen (netto) per jaar. Dit om de verwachte groei van het aantal huishoudens op te kunnen vangen en bestaande woningtekorten terug te dringen.

Figuur 1.2

Woningvoorraad

Noord-Brabant, 1980-2050